Ondertekening Memorandum of Understanding (MoU)

Europese samenwerking versnelt het landen van innovatie in de praktijk

Innovatie stokt als de praktijk niet meekomt

Arbeidstekorten, waterschaarste, grotere vraag en strengere eisen maken vooruitgang in de Agrifoodsector urgent. Tegelijk blijft de stap van proefopstelling naar brede toepassing vaak te groot. Tijdens Grüne Woche in Berlijn is een Memorandum of Understanding (MoU) getekend door partners uit Nederland, Frankrijk en Duitsland. Onder meer WUR, Fedecom en FME verbinden zich met INRAE, AXEMA, RobAgri, ATB Potsdam en Agrotech Valley Forum. Doel is één duidelijke route naar praktijkrijpe oplossingen. Door kennis te delen, standaarden te harmoniseren en testen in de praktijk te organiseren, verkorten we de tijd van lab naar land en verlagen we risico’s voor bedrijven en gebruikers.

Wanneer is een oplossing goed genoeg om echt op te schalen

Wie innoveert wil zekerheid dat een oplossing werkt, past bij regelgeving en schaalbaar is. Precies daar helpt dit akkoord bij. Door gezamenlijke protocollen en gedeelde testlocaties ontstaat vergelijkbare data, wordt toelating voorspelbaarder en worden businesscases sterker. Agrariërs en telers krijgen sneller oplossingen die aansluiten op hun teelt en bedrijfsvoering. Technologiebedrijven verminderen ontwikkelkosten en verkorten de tijd naar de markt.

Minder middelen, minder arbeid, meer resultaat

De samenwerking richt zich op autonome technologie voor hoge waardeteelten zoals oogst en snoei, op veilige inzet van AI in machines met afspraken over veiligheid en data, en op duurzame teeltsystemen met minder middelen en slimmer watergebruik. Door expertise te koppelen kunnen we sneller itereren en meteen testen onder uiteenlopende Europese omstandigheden. Dat versnelt leren en vergroot de kans dat oplossingen passen in de dagelijkse praktijk.

Niet nóg een akkoord, maar een gezamenlijke route vooruit

In 2026 starten werkgroepen die een gezamenlijke roadmap opleveren met doelen, resultaten en financiering voor de periode van 2026 tot en met 2030. Bedrijven, onderzoekers, certificerende partijen, agrariërs en beleidsmakers schuiven aan zodat eisen en oplossingen vanaf het begin bij elkaar komen. Resultaten worden gedeeld via publicaties, demonstraties en vakbeurzen. Zo blijft de route van plan naar toepassing zichtbaar en toetsbaar.

Wat moet jij nu doen om straks niet achter te blijven

Nu de samenwerking vorm krijgt, ligt de kans bij bedrijven en innovators om aan te haken op wat Europees wordt opgeschaald. Dat begint met het voorbereiden van een pilot of veldproef die toepasbaar is in alle drie de landen. Door aan te sluiten bij standaardisatie en dataproposities zorg je ervoor dat jouw innovatie klaar is voor veilige inzet met AI. Het delen van lessen uit eerdere trajecten en het verbinden met Europese financiering helpt om sneller richting adoptie en nieuwe markttoegang te bewegen, terwijl ontwikkelrisico’s beheersbaar blijven.

Doe ook mee om van losse initiatieven één beweging te maken

NXTGEN Hightech Agrifood verbindt de Nederlandse hub met de partners in Frankrijk en Duitsland. We verbreden het netwerk, brengen partijen samen en helpen drempels te verlagen, samen met WUR, Fedecom en FME. Daarmee ontstaat stabiele voortgang voor iedereen die wil verbeteren en versnellen. Wil je meedoen of meer weten, neem contact op met het NXTGEN team.

De partijen achter deze Memorandum of Understanding (MoU)

Deze samenwerking is tot stand gekomen door de gezamenlijke inzet van partners uit drie landen.

 

Vanuit Frankrijk zijn INRAE, vertegenwoordigd door Claire Rogel-Gaillard, brancheorganisatie AXEMA, met Laurent de Buyer en innovatieplatform RobAgri, onder leiding van Christophe Aube, betrokken bij de overeenkomst.

 

Duitsland wordt vertegenwoordigd door het Leibniz Institute for Agricultural Engineering and Bioeconomy, met Barbara McKee-Sturm en het Agrotech Valley Forum, onder voorzitterschap van Henning Müller.

 

Nederland sluit aan met Wageningen University & Research, vertegenwoordigd door Sjoukje Heimovaara, Fedecom, met Caroline Bekkering en FME, namens wie Suzanne Verboon betrokken is.

 

Samen dragen deze partijen verantwoordelijkheid voor de samenwerking en voor de vervolgstappen richting concrete toepassing in de praktijk.